Verslag fietsreis IJsland
ZOMER 2009

we gaan weer / voorbereiding / voor vertrek / aankomst / de grote stad en de crisis / de route in wegnummers /
onderweg met Bonny: tussen Þingvellir en Laugarbakki / de Strandavegur / weg 622 / voorbij Ísafjörður / in Reykjavík / een nieuwe route

pagina 5 van 12
ga naar: 1, 2, 3, 4, 5, 6, 7, 8, 9, 10, 11, 12.

de grote stad en de crisis
Reykjavík zelf lijkt geëxplodeerd. De chaos compleet. Ik denk niet dat sinds 2000 het inwoneraantal dezelfde groeicurve heeft gekend als de toename van het landbeslag van de stad. Enorme buitenwijken vol nieuwe appartementencomplexen zijn verrezen. Zelfs IJslanders vroegen (en vragen) zich af wie daar in godsnaam moesten gaan wonen. En dat was al voor de crisis uitbrak. Inderdaad, veel complexen staan er afgebouwd, maar geheel leeg bij. En andere complexen staan er triest, half afgebouwd, als kale skeletten bij en wachten op de terugkeer van de plots vertrokken bouwvakkers.
   Over smaak valt te twisten. Maar vriend en vijand zijn het er wel over eens dat de blokkendozen appartementen ook over vijftig of honderd jaar door niemand mooi worden gevonden.

stadsgezicht  stadsgezicht  stadsgezicht
ook de Hallgrímskirkja stond in de steigers  stadsgezicht  stadsgezicht  stadsgezicht

Wat er in het stadshart is gebeurd, en nog gaande is, roept meer discussie op. Zijn die moderne kantoorkolossen en woonflats wel zo'n goed idee? Ze domineren inmiddels de stad, laten zien dat Reykjavík een welvarende stad is (was?). Laten zien dat Reykjavík wil meetellen in de grote mensenwereld. Maar is het mooi? Ik ben sowieso geen fan van steden, dus let vooral niet op mij. Uniek in de wereld zijn de gebouwen zeker niet. Tenzij ze onvoltooid blijven staan... Zo heb je dus wel een modern uiterlijk, de kans echter om iets unieks te bouwen heb je wel verspeeld. Dezelfde kolossen staan ook in Arnhem, om maar eens een dwarsstraat te noemen. Globalisering; het wachten is op de eerste Blokkers, Hema's en Bijenkorven in Reykjavíks Laugavegur. Een overvloed aan financiële middelen draagt kennelijk niet bij aan een kritisch beoordelingsvermogen. Geld levert niet per definitie een uniek fraai stadsgezicht op.

modern maar lelijk, kerkje in Árnes  oud maar herkenbaar, kerkje in Árnes

Over schoonheid: De moderne IJslandse kerkjes zijn spuuglelijk, de oudjes typisch IJslands. Toch kan ik me voorstellen dat er over honderd jaar iemand is die per fiets (?) speciaal deze moderne bouwsels langsgaat om ze te fotograferen en ze typisch IJslands te noemen.
   Een beeld is onveranderd. Op de Laugavegur, de P.C. Hoofdstraat van Reykjavík, wandelen de toeristen nog steeds op de stoep, terwijl de IJslanders stapvoets in hun auto's voorbij komen rijden. De situatie op de toegangswegen naar de stad, het stadscentrum, is wel totaal onvergelijkbaar met die van 2000. Toen was er in de spits sprake van enige drukte. Nu is het er, zelfs met al het nieuwe asfalt erbij, altijd chaotisch druk (alleen te wijten aan een groeiend aantal inwoners? Of is het autobezit ook geëxplodeerd sinds 2000?).
   Ofschoon je als fietser op de uitvalswegen mag rijden; je zou er toch niet bepaald gelukkig van worden. Veel fietstoeristen weten niet dat er langs de grote wegen een soort van voetgangers- en fietspaden netwerk is aangelegd en blijven dan ook op die autowegen fietsen. Kwalijk kun je ze dat allerminst nemen, want die paden staan slecht aangegeven en zijn niet of nauwelijks bewegwijzerd – zeker in vergelijking met borden kampioen Nederland. Het duurde ongeveer een dag voordat wij een beetje doorhadden hoe het werkt. Wanneer het fietspad aan de ene kant van de weg plots ophoudt, is de kans groot dat dit aan de andere kant, verborgen achter een geluidswal bijvoorbeeld, gewoon doorloopt. Ben je eenmaal gewend aan het systeem dan kun je je vrij makkelijk en rustig per fiets door de stad verplaatsen.
   De gecombineerde voetganger- en fietspaden zijn vaak iets minder breed dan hier. Daarbij is er ook meestal een duidelijke afscheiding, in de vorm van een doorgetrokken streep, tussen het fiets- en wandelgedeelte waarbij het fietsgedeelte verreweg het smalst is(!). Die scheiding zorgt voor een aparte gewaarwording. Als op de heenweg het fietsersgedeelte aan jouw rechterkant ligt dan is er niets aan de hand. Ik kreeg echter op de terugweg steeds het idee in Engeland te fietsen. Voor mijn gevoel zijn de gecombineerde fiets-wandelpaden met gescheiden banen iets te veel van-achter-een-bureau bedacht.
   Nog een laatste opmerking: Een fietsknooppuntensysteem zoals we dat in Nederland kennen, zou voor een toerist in de stad Reykjavík echt een uitkomst zijn.

Op de half afgebouwde gebouwen en verlaten bouwplaatsen na wijst niets op de crisis die gaande is. Het is druk en de grote terreinwagens blijven voortrazen; nog nooit zoveel Hummers zien rijden. Op het eerste gezicht wijst niets op de hoge brandstofprijzen, of op auto's die onmogelijk nog afbetaald kunnen worden. De mensen in het zwembad zijn niet dunner dan twee jaar geleden en Biafra-buikjes hebben ze bepaald niet. De pijn wordt kennelijk achter de voorgevel geleden.
   Grappen worden er volop gemaakt: Mensen, eens trots op hun Land Cruiser zijn nu Grand Losers. Mensen met een Range Rover? Wel, voor hen is het Game Over. En er gaan geruchten over lieden die op afspraak hun dure vier keer viers in de fik hebben laten steken, of dat zelf gedaan hebben. Zo kregen ze hun geld via de verzekering terug omdat ze wisten dat hun auto onverkoopbaar zou zijn. Niemand kan zo'n wagen immers meer betalen.
   En wat ik in mijn vorige verslag (2007) al schreef: Niemand scheen te weten waar al dat geld, die rijkdom vandaan kwam. Nu weten ze het: het is niet precies een piramide spel geweest maar wel zoiets: monopolygeld, gebakken lucht, leven op de pof. Of ze destijds allemaal stommetje speelden. Toch niet allemaal. Op zijn minst een IJslander die we spraken had zijn geld al lang veilig (?!) gestald bij buitenlandse banken en zijn – niet zo heel grote – auto had hij cash betaald (wat de leverancier bepaald niet leuk vond, die verkocht er liever een “goedkope” lening in buitenlandse valuta bij).
   En waarom? Hij vertrouwde de mensen niet die het voor het zeggen hadden. De vriendjespolitiek, de enorme belangenverstrengeling tussen politiek en zaken- en bankwereld die gaande was, de integriteit van sommigen (hoe kun je bijvoorbeeld in Rusland ineens zoveel geld verdienen zonder concessies te doen aan de plaatselijke maffia?).
   Het geringe inwoneraantal maakt de IJslandse maatschappij op een bepaalde manier bijzonder. Alles wordt al gauw persoonlijk, want iedereen kent elkaar, al is het maar via via. Dat heeft zijn voordelen, maar het kan ook verstikkend werken. Vooral als de macht in een bepaalde hoek geconcentreerd is. Tijdens mijn eerste IJslandreis (2000) werd mij al haarfijn uit de doeken gedaan, hoe snel je daar een 'outcast' kon worden. Een ander voorbeeld is het ontbreken van een onafhankelijke pers. Niet dat we het hier direct over een door de staat (of zakenlieden) gereguleerde media hebben, al speelt dat zeer zeker, maar het is voor journalisten waarschijnlijk slim om enige zelfcensuur toe te passen...
   Het is achteraf makkelijk praten. Dat deze zeepbel plofte kwam echter niet voor alle IJslanders als een verrassing. Dat deze hele crisis voor onderzoekers uit alle takken van wetenschap buitengewoon interessant is staat wel vast; IJsland als een groot sociaal experiment. Neem alleen al het politieke spel dat gespeeld wordt rond Icesave. Voer voor politicologen, al zou ik die niet direct tot de wetenschappers willen rekenen. Dat er nog vele boeken over dit onderwerp zullen verschijnen is ook wel zeker.

Nu Icesave ter sprake is gekomen en terwijl het dagelijkse IJslandse leven ogenschijnlijk als normaal verder gaat, moet ik toch enige dank uitspreken aan al die Nederlanders die hebben bijgedragen aan dit debacle. Dankzij hun 'procentje meer' kunnen wij vaker uit eten en krijg ik dubbel beleg op mijn brood. Voor ons is IJsland een stuk betaalbaarder geworden. (volgende pagina...)

we gaan weer / voorbereiding / voor vertrek / aankomst / de grote stad en de crisis / de route in wegnummers /
onderweg met Bonny: tussen Þingvellir en Laugarbakki / de Strandavegur / weg 622 / voorbij Ísafjörður / in Reykjavík / een nieuwe route

pagina 5 van 12
ga naar: 1, 2, 3, 4, 5, 6, 7, 8, 9, 10, 11, 12.